NSW-landgoederen en natuurschoonlichamen

Vermogende particulieren worden regelmatig geattendeerd op de fiscale faciliteit voor zogenoemde natuurschoonlichamen (NSM). Vaak komt dat doordat een NSW-landgoed in box 3 is vrijgesteld of in box 1 van bepaalde vrijstellingen gebruik kan worden gemaakt. In veel gevallen zal het gaan om een landgoed. Een NSW-landgoed is, kort gezegd, een in Nederland gelegen onroerende zaak dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit natuurterreinen, bossen of andere houtopstanden waarbij sprake is van natuurschoon.

Een landgoed moet aan de volgende voorwaarden voldoen om te worden aangemerkt als een NSW-landgoed:

  • Het landgoed is minstens 5 hectare, aaneengesloten, of een (deel van een) historische buitenplaats die minimaal één hectare groot is. Onder bepaalde voorwaarden is een onroerende zaak van minder dan 5 hectare ook een NSW-landgoed.
  • Het landgoed is (eventueel met een ander landgoed) een aaneengesloten gebied van minimaal 5 hectare. Een uitzondering hierop zijn historische buitenplaatsen.
  • Het landgoed bestaat voor minstens 30 procent uit houtopstanden (bos) of natuurterreinen. Een combinatie van beide is ook mogelijk.

Welke fiscale faciliteiten er gelden is afhankelijk van de vraag of het NSW-landgoed in bezit is van een natuurlijk persoon of een rechtspersoon. Indien het NSW-landgoed in bezit is van een rechtspersoon, dan wordt onder voorwaarden dit lichaam aangemerkt als een zogenoemd natuurschoonlichaam. Voor natuurschoonlichamen geldt een objectieve vrijstelling in de vennootschapsbelasting. Eerst behandelen wij de fiscale voordelen om vervolgens de voorwaarden op hoofdlijnen te behandelen.

Fiscale voordelen van NSW-landgoederen

Voor een aantal belastingen gelden bepaalde faciliteiten voor NSW-landgoederen.

Inkomstenbelasting

De voordelen uit het bezit van een NSW-landgoed behaald door een natuurlijk persoon worden in de inkomstenbelasting belast. Deze voordelen kunnen zowel in Box 1, als in Box 3 worden belast, afhankelijk van de kwalificatie van het soort inkomen.

Box 1 – inkomen uit werk en woning

Een NSW-landgoed kan tot het ondernemingsvermogen van een ondernemer behoren. Het kan zelfs zo zijn dat het aanhouden en exploiteren van het NSW-landgoed als zodanig de onderneming vormt. In beide gevallen kunnen de voordelen die behaald worden met het NSW-landgoed onder de bosbouwvrijstelling vallen. Voorwaarde is daarbij wel dat sprake moet zijn van een bosbedrijf. Bij een bosbedrijf gaat het om de feitelijke beoefening van de bosbouw en alles wat daarmee verband houdt. De werkzaamheden moeten gericht zijn op de instandhouding van het bos. Daarnaast kan in het geval dat het NSW-landgoed uit landbouwgrond bestaat, de landbouwvrijstelling worden toegepast. Voorwaarde daarbij is dat bij de exploitatie van de landbouwgrond gesproken kan worden over een landbouwbedrijf. Bovendien geldt voor de onderneming een vrijstelling voor subsidies die worden gekregen in het kader van bos- en natuurbeheer. Bij de landbouwvrijstelling geldt wel als voorwaarde dat de grond niet aan anderen ter beschikking wordt gesteld.

Op een NSW-landgoed kan zich ook een woning bevinden. Als de eigenaar deze woning zelf bewoont dan is deze woning een eigen woning en valt deze onder de eigenwoningregeling. Hierop is het eigenwoningforfait van toepassing.

In het geval dat een NSW-landgoed niet kwalificeert als een onderneming of onderdeel van een onderneming, maar er zijn wel inkomsten die het gevolg zijn van arbeid, dan worden deze voordelen belast als inkomsten uit overige werkzaamheden. Hiervan is sprake als arbeid wordt verricht dat meer is dan bij normaal vermogensbeheer noodzakelijk is. In dit geval zijn de bosbouwvrijstelling en landbouwvrijstelling niet van toepassing op de voordelen die behaald worden met het NSW-landgoed. De vrijstelling voor subsidies die worden gekregen in het kader van bos- en natuurbeheer is wel van toepassing. Overigens lijkt het weinig aannemelijk dat in deze laatste situatie per saldo voordelen kunnen worden behaald. Van daadwerkelijk belastingheffing zal veelal geen sprake zijn.

Box 3 – inkomen uit sparen en beleggen

In het geval het NSW-landgoed in box 3 valt, geldt een vrijstelling.

Vennootschapsbelasting

Als een bv of nv een NSW-landgoed bezit, vallen de voor- en nadelen in principe in de winst. Echter, voor deze winst geldt, net als in de inkomstenbelasting, eventueel de bosbouw- en/of landbouwvrijstelling. Daarnaast bestaat onder voorwaarden een zogenoemde subjectieve vrijstelling voor lichamen die een NSW-landgoed bezitten, de zogenoemde natuurschoonlichamen (hier wordt later op in gegaan). Dan is geen Vpb verschuldigd.

Erf- en schenkbelasting

Voor de erf- en schenkbelasting geldt een faciliteit waardoor, onder voorwaarden, bij de verkrijging krachtens erfrecht of schenking van een NSW-landgoed geen erf- of schenkbelasting verschuldigd is. Ten eerste moet het NSW-landgoed na de verkrijging krachtens erfrecht of schenking gedurende 25 jaar in stand worden gehouden. Ten tweede moet het NSW-landgoed daadwerkelijk 25 jaar in bezit worden gehouden. Bij de waardebepaling wordt de bestemmingswaarde als uitgangspunt genomen en niet de waarde in het economische verkeer. Voor de omvang van de faciliteit is bepalend of het NSW-landgoed open is gesteld voor het publiek.

Overdrachtsbelasting

Indien overdrachtsbelasting verschuldigd is bij de verkrijger van een NSW-landgoed, wordt bij diegene 6% overdrachtsbelasting geheven over de waarde van de onroerende zaak. Echter, er geldt onder voorwaarden een vrijstelling waardoor de verkrijger geen overdrachtsbelasting verschuldigd is.

Aanvraagvoorwaarden NSW-landgoed

Om een landgoed aan te merken als een NSW-landgoed moet de eigenaar van het landgoed een rangschikking van het landgoed aanvragen. Deze aanvraag moet bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland worden gedaan en daarbij moet het formulier Aanvraag Rangschikking van uw landgoed worden gebruikt (te vinden op www.mijn.rvo.nl). In sommige gevallen is het ook mogelijk dat de rangschikking wordt aangevraagd voordat aan alle voorwaarden wordt voldaan. Daarvoor gelden dan weer andere formuleren.

In de Vpb: Natuurschoonlichaam

Fiscale voordelen natuurschoonlichaam

Voor een natuurschoonlichaam geldt onder voorwaarden een vrijstelling voor de vennootschapsbelasting. De voor- en nadelen die worden behaald met het natuurschoonlichaam worden dan dus niet belast met vennootschapsbelasting.

Wanneer is sprake van een natuurschoonlichaam?

De subjectieve vrijstelling voor natuurschoonlichamen kent een aantal voorwaarden. Ten eerste moeten de bezittingen uitsluitend of hoofdzakelijk bestaan uit op de grond van de Natuurschoonwet aangewezen landgoederen (NSW-landgoederen). Ten tweede moeten de werkzaamheden van het lichaam ten minste hoofdzakelijk bestaan uit de instandhouding van die landgoederen. Tot slot moeten de overige werkzaamheden van het lichaam niet kunnen worden aangemerkt als het drijven van een onderneming.

De bezittingen bestaan uitsluitend of hoofdzakelijk uit NSW-landgoederen.

Deze voorwaarde houdt in dat ten minste 70% van de bezittingen van het lichaam NSW-landgoederen moeten zijn. Als overige bezittingen inkomsten opleveren die hoofdzakelijk worden gebruikt voor de instandhouding dan ligt de grens op 50%.

De werkzaamheden bestaan ten minste hoofdzakelijk uit instandhoudingswerkzaamheden

Deze voorwaarde houdt in dat ten minste 70% van de werkzaamheden moeten bestaan uit de instandhouding van de NSW-landgoederen. Hierbij geldt dat het statutaire doel van het lichaam en de feitelijke werkzaamheden aan deze voorwaarden moeten voldoen.

De overige werkzaamheden zijn niet aan te merken als onderneming

Deze voorwaarde houdt in dat andere werkzaamheden anders dan de instandhoudingswerkzaamheden niet mogen kunnen worden aangemerkt als het drijven van een onderneming. Met deze werkzaamheden mag het lichaam ook niet concurreren met andere ondernemingen.

Instandhoudingswerkzaamheden

Een belangrijke voorwaarde om als natuurschoonlichaam te worden aangemerkt, is de instandhoudingseis. De werkzaamheden moeten ten minste hoofdzakelijk bestaan uit werkzaamheden die zijn gericht op de instandhouding van het NSW landgoed. In beginsel moeten deze werkzaamheden door het natuurschoonlichaam zelf worden verricht. Het is echter ook mogelijk derden in te schakelen, mits die hun werkzaamheden in opdracht en onder leiding van het natuurschoonlichaam verrichten.

Voorbeeld
Een lichaam is in het bezit van een NSW-landgoed en dit landgoed bestaat uitsluitend uit een golfbaan. De golfbaan wordt aan een bv verhuurd die deze golfbaan exploiteert. Het lichaam verricht verder geen andere werkzaamheden. De staatssecretaris is van mening dat in deze situatie het natuurschoonlichaam geen instandhoudingswerkzaamheden verricht. Hierdoor wordt niet voldaan aan de instandhoudingswerkzaamhedeneis en dus is de subjectieve vrijstelling niet van toepassing.

Aanvraagvoorwaarden natuurschoonlichaam

Om als een natuurschoonlichaam te worden aangemerkt, moet de eigenaar een rangschikkingsverzoek in dienen bij de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Dienst Regelingen, Postbus 965, 6040 AZ Roermond. De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de Minister van Financiën beslissen gezamenlijk op het verzoek.